Let op: Aan dit hele hoofdstuk wordt momenteel gewerkt. Alles wat hier staat is concepttekst.

 

Inleiding Luchtvaartwetgeving

Wanneer je als Robinson Crusoë alleen op een eiland woont, dan heb je geen voorschriften nodig. Zodra er nog iemand aanspoelt, dan wordt het al anders. Je moet rekening met elkaar houden en regels afspreken. Een zweefvliegvereniging kent regels, een land kent wetten en internationaal zijn er afspraken.

Elke Nederlander wordt geacht de wet te kennen. Niemand kent al die wetten, maar een zweefvlieger moet wel de belangrijkste regels voor het zweefvliegen en voor het veilig gebruik van het luchtruim kennen. Ook dat is bijna onbegonnen werk. Een zweefvlieger moet daarom de belangrijkste regels, die hij direct voor de veiligheid bij het vliegen nodig heeft, paraat hebben en de details kunnen opzoeken. Ook moet hij in staat zijn om aan de hand van een ICAO-kaart en de ais-netherlands de voorschriften voor een bepaald gedeelte van het luchtruim of van bijvoorbeeld een bepaald vliegveld uit te kunnen zoeken.

De lesstof voor het vak Luchtvaartwetgeving vind je op de site van de CIV.

De lesstof en de indeling in hoofdstukken die je hier aantreft is volgens de indeling van EASA. Met ingang van 8 april 2018 wordt het zweefvliegbewijs uitgereikt door de overheid onder de naam LAPL(S) (Light Aircraft Pilot Licence (Sailplane). 

EASA schrijft voor dat een zweefvlieger kennis moet hebben van de volgende onderwerpen:

1. AIR   LAW AND ATC PROCEDURES 1. LUCHTVAARTWETGEVING EN ATC PROCEDURES
1.1. INTERNATIONAL LAW:   CONVENTIONS, AGREEMENTS AND ORGANISATIONS  1.1 Internationale regelgeving en organisaties
1.2. AIRWORTHINESS OF   AIRCRAFT  1.2 Luchtwaardigheid van vliegtuigen
1.3. AIRCRAFT NATIONALITY AND   REGISTRATION MARKS  1.3 Vliegtuig nationaliteit en registratie kenmerken
1.4. PERSONNEL LICENSING  1.4 Vliegbrevetten
1.5. RULES OF THE AIR  1.5 Luchtvaartregels
1.6. PROCEDURES FOR AIR   NAVIGATION – AIRCRAFT OPERATIONS  1.6 Luchtvaartnavigatie en vliegtuigoperatie
1.7. AIR TRAFFIC REGULATIONS   – AIRSPACE STRUCTURE  1.7 Regelgeving en luchtruim structuur
1.8. AIR TRAFFIC SERVICES AND   AIR TRAFFIC MANAGEMENT  1.8 Luchtverkeersdiensten
1.9. AERONAUTICAL INFORMATION   SERVICE  1.9 Luchtvaart informatie diensten (FIS)
1.10. AERODROMES, EXTERNAL   TAKE OFF SITES  1.10 Vliegvelden en luchtvaarttereinen
1.11. SEARCH AND RESCUE  1.11 Hulpverlening en SAR
1.12. SECURITY  1.12 Veiligheid
1.13. ACCIDENT REPORTING  1.13 Het rapporteren van ongelukken
1.14. NATIONAL LAW 1.14 Nationale wetgeving

 

 

 

De voorschriften voor de luchtvaart hebben gelukkig een sterk internationaal karakter. De regels zijn in bijna alle landen behoorlijk gelijk. Op de sheet hierboven zie je links van boven naar beneden de organisaties voor de beroepsluchtvaart en rechts van de recreatieve luchtvaart. De zweefvliegclubs zijn lid van de KNVvL-afdeling zweefvliegen. De afdeling zweefvliegen is lid van de EGU (European Gliding Union), een organisatie met meer dan 80.000 zweefvliegers en 20.000 vliegtuigen. De EGU heeft invloed op de totstandkoming van regels bij EASA.

De KNVvL-afdeling Zweefvliegen is een afdeling van de KNVvL. De KNVvL heeft via EAS (Europe Airsports) ook invloed op de regelgeving bij EASA.