1. In de lierstart: - geleidelijk de klimstand vergroten en 100 m hoogte hardop noemen - tijdig en rustig bijprikken en BOKS hardop afwerken 
  2. Slipvrij vliegen met constante snelheid en niet te steile bochten maken 
  3. Laten merken dat je goed uitkijkt; de vliegtuigen die je ziet even noemen, zeggen wat je plan bent te doen en waarom je dat doet 
  4. De checks (wiel, wind, water, welvingskleppen en snelheid) op het rugwindbeen hardop afwerken en aan de hand van de situatie in het landingsveld zeggen waar je gaat landen 
  5. Probeer elke keer een doellanding te maken 
 
EVO-standaard 
Wanneer je langere tijd alleen maar solo vliegt en je eigen vliegstijl aan het vormen bent, gaat dit soms ten koste van het gedisciplineerd vliegen. Sommige fouten heb je zelf niet in de gaten. Daarom hanteren clubs de regel dat elke solovlieger na een aantal solostarts weer een checkstart moet maken. Met vliegen volgens EVO-standaard bedoelen we de puntjes weer op de "i" zetten, vliegen volgens het boekje zoals je dat bij de elementaire vliegopleiding geleerd hebt.