1. Aan de hand van een lijnkenmerk deze oefening eerst boven in de lucht oefenen 
  2. Hoger op circuit gaan en op het basisbeen de kleppen niet gebruiken, zodat je te hoog aan je final begint 
  3. Met kleppen open het zweefvliegtuig in een slip brengen naar de zijde waar de wind vandaan komt. 
  4. Boven 10 m hoogte de kleppen indoen en vervolgens het toestel uit de slip halen. 
  5. Eerst voldoende snelheid oppakken en pas daarna eventueel de remkleppen weer openen. 
 

Deze oefening is heel zinvol en bovendien gemakkelijker dan de vorige. Gemakkelijker omdat een slipvlucht met geopende kleppen vaak veel stabieler is. Je zult zien dat je het zweefvliegtuig eenvoudiger in de slip houdt. De oefening is zinvol, want als uiterste noodoplossing biedt dit slippen met remkleppen soms nog de mogelijkheid je teveel aan hoogte kwijt te raken wanneer je tijdens een overland bij het aanvliegen van je landingsveld merkt, dat je zelfs met vol kleppen nog te langzaam daalt om op het uitgekozen landingsveld te kunnen landen. Door te slippen met remkleppen vergroot je de daalsnelheid fors, waardoor de kans groter wordt dat je het vliegtuig toch op de uitgekozen plaats aan de grond kunt zetten.