2. DE KNVVL-AFDELING ZWEEFVLIEGEN

De Afdeling Zweefvliegen is onderdeel van de  Koninklijke Nederlandse Vereniging  voor Luchtvaart.

Post- &Bezoekadres:
Houttuinlaan 16a
3447 GM Woerden
tel. 0348 - 43 70 60

e-mail via  contactformulier


1. Samenstelling KNVvL-Afdelingsbestuur Zweefvliegen (ABZ)

 


Sijmen de Vries (vz)

Nico Koster

Noah Verhoef

Jaap Vis

Ed Westerhof

Jan van de Ven (pm)

Lonneke Alsema

 


Evert- Jan Zwolsman

Het ABZ bestaat uit leden die door het zittende ABZ gevraagd zijn of door de clubs zijn voorgedragen. De leden worden voor een periode van twee jaar benoemd door de afdelingsvergadering en zijn twee keer herkiesbaar. Het ABZ vergadert ten minste één keer per maand op het Secretariaat Zweefvliegen.

Het ABZ is in dienst van de Nederlandse zweefvliegers en is er om er voor te zorgen dat de leden van de clubs kunnen zweefvliegen. De clubs zijn autonoom en regelen het zweefvliegen voor hun eigen terrein. Het ABZ doet alleen die werkzaamheden die boven het clubbelang uitgaan, of die, vanwege de efficiëntie, beter gezamenlijk geregeld kunnen worden. (bijv. overleg met Domeinen, met Defensie, met IVW, regelen van verzekeringszaken, de inspectie, wedstrijden, jeugdluchtvaartopleiding, het verenigingsblad enz.)

Wie de agenda's en de notulen van de ABZ-vergaderingen bestudeert, zal constateren dat er elke vergadering veel zaken besproken moeten worden en dat er vaak beslissingen genomen moeten worden. Voor veel van deze zaken is een behoorlijke kennis van zaken nodig. Het ABZ wordt dan ook gesteund door het Secretariaat Zweefvliegen. Het Secretariaat Zweefvliegen beschikt over beroeps krachten die de besluiten van het ABZ mee voorbereiden en de genomen besluiten helpen uitvoeren.

Daarnaast wordt het ABZ ondersteund door devele commissiesdie elk op hun eigen terrein het afdelingsbestuur van advies voorzien. Het ABZ houdt op twee manieren contact met de commissies. Enkele afgevaardigden van alle commissie worden zo nu dan uitgenodigd om een deel van de ABZ-vergadering aanwezig te zijn en elk ABZ-lid heeft een aantal commissies die tot zijn aandachtsgebied behoren.

2.  Afdelingsreglement KNVvL-afdeling zweefvliegen

Afdelingsreglement

 Begripsbepalingen

Artikel 1

In dit reglement wordt verstaan onder:

1. de Vereniging: de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Luchtvaart;

2. de Afdeling: de Afdeling Zweefvliegen van de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Luchtvaart, als bedoeld in artikel 21 van de Statuten en artikel 16 van het Huishoudelijk Reglement van de Vereniging;

3. individuele leden: leden van de Vereniging, die overeenkomstig hetgeen ter zake is bepaald in de Statuten en bij Huishoudelijk Reglement, individueel zijn ingedeeld bij de Afdeling Zweefvliegen;

4. clubs: verenigingen aangesloten bij de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Luchtvaart, die overeenkomstig hetgeen ter zake is bepaald in de Statuten en bij Huishoudelijk Reglement, zijn ingedeeld bij en erkend door de Afdeling Zweefvliegen.

5. GPL: glider pilot licence; zweefvliegbewijs; bewijs van bevoegdheid als zweefvlieger.

Doel

Artikel 2

De Afdeling stelt zich ten doel de zweefvliegsport in Nederland in de ruimste zin des woords te bevorderen.

Dit kan worden bereikt door:

1. het verenigen van alle personen, al dan niet gegroepeerd in clubs, die in Nederland de zweefvliegsport beoefenen en /of bevorderen;

2. het in studie nemen van onderwerpen, die tot de zweefvliegsport behoren en het doen bevorderen van proefnemingen op dat gebied;

3. het doen opleiden van zweefvliegers.

4. het doen houden van cursussen, voordrachten, bijeenkomsten en besprekingen;

5. het geven van voorlichting en het maken van propaganda door middel van pers, radio en televisie en in het bijzonder door gebruikmaking van de publiciteitsmedia welke de Vereniging ten dienste staan;

6. ondersteuning van activiteiten leidende tot behoud van, dan wel verwerving van zweefvliegterreinen;

7. het organiseren dan wel bevorderen van centrale kaderopleidingen;

8. de bevordering van de instandhouding van een zweefvliegcentrum (als bedoeld in artikel 25 van de Statuten en artikel 22 van het Huishoudelijk Reglement van de Vereniging);

9. het geven van inlichtingen en adviezen;

10. het onderhouden van nauwe betrekkingen met overheidsinstanties en andere instellingen, voor zover vallende binnen de werkkring van de Afdeling

11. het organiseren van en doen deelnemen aan nationale en internationale zweefvliegwedstrijden;

12. het tot stand brengen en onderhouden van betrekkingen met buitenlandse en met internationale zweefvliegorganisaties;

13. alle andere haar ten dienste staande wettige middelen.

Clubs

Artikel 3

1. De statuten en reglementen van clubs mogen geen bepalingen bevatten die in strijd zijn met de Statuten en/of het Huishoudelijk Reglement van de Vereniging of met dit Afdelingsreglement.

2. Een kandidaat-club dient zijn aanvraag voor aansluiting te doen vergezellen van zijn statuten. Het Afdelingsbestuur neemt ondermeer de statuten van de kandidaat-club in beschouwing en vermeldt zijn bevindingen in zijn advies aan het Bestuur van de Vereniging omtrent de toelating. Bij de aanvraag van een kandidaat-club voor aansluiting zal het afdelingsbestuur voor het bepalen van zijn advies tot toelating van de navolgende maatstaven uitgaan:

a. aanvaardbaarheid van de statuten en huishoudelijk reglement;

b. het bezit c.q. (mede)gebruik van een (zweef)vliegterrein met de daarvoor noodzakelijke gebruikstoestemmingen van eigenaar(s), andere medegebruiker(s) en relevante autoriteiten;

c. levensvatbaarheid als zweefvliegclub door het bezit van of de beschikking over één (of meer) zweefvliegtuig (en) en startmiddel(en), alsmede het kunnen beschikken over bevoegd kader;

d. het aantonen van een gezonde financiële basis. ,

3. Clubs dienen wijzigingen in hun statuten of huishoudelijk reglement te melden aan het Bestuur van de Afdeling Zweefvliegen.

4. Clubs zijn verplicht al hun vliegende leden aan te melden bij de Vereniging.

5. Clubs houden zich, tijdens een vliegbedrijf dat onder hun verantwoordelijkheid wordt uitgeoefend, aan de hier onder a. t/m d. genoemde punten:

a. Clubs staan, anders dan in gevallen als onder d. omschreven, het recht om als zweefvlieger op te treden uitsluitend toe aan vliegers die in het bezit zijn van een geldig GPL, dat uitgegeven is door de Vereniging en tevens van een geldig medisch certificaat, dat uitgegeven is door de Vereniging of door een door de Vereniging hiertoe bevoegd verklaarde instantie. Een geldig gelijkwaardig buitenlands zweefvliegbewijs wordt daarbij gelijkgesteld aan een geldig GPL, een geldig gelijkwaardig buitenlands medisch certificaat aan een geldig medisch certificaat.  

b. Het praktische deel van de opleiding voor het GPL wordt uitsluitend gegeven door instructeurs met een geldig GPL met daarin aangetekend een bevoegdheid tot het geven van vliegonderricht of door instructeurs in opleiding, onder toezicht en verantwoordelijkheid van hun mentor. 

c. De opleiding voor het GPL wordt alleen gegeven volgens de opleidingsmethode zoals die door de Afdeling van tijd tot tijd wordt vastgesteld.  

d. Clubs laten vliegers die niet in het bezit zijn van een geldig GPL uitsluitend als zweefvlieger optreden indien zij beschikken over een geldig medisch certificaat, zij voor de te maken vlucht vooraf toestemming hebben gekregen van een instructeur die beschikt over een geldig GPL met daarin aangetekend een bevoegdheid tot het geven van vliegonderricht, en zij de vlucht uitvoeren onder toezicht en verantwoordelijkheid van genoemde instructeur of van een andere instructeur die beschikt over een gelijkwaardige bevoegdheid. 

Afdelingsbestuur

Artikel 4

1. De Afdeling heeft een Afdelingsbestuur bestaande uit een voorzitter, een vice-voorzitter, een penningmeester en twee tot vijf leden. De Afdelingssecretaris, die in dienst is van de Vereniging, treedt op als secretaris van het Afdelingsbestuur. Hij heeft in dit orgaan een adviserende stem. Ten  minste één der leden zal bij voorkeur voortkomen uit een militaire zweefvliegclub.

2. De Afdelingsvergadering stelt - op voordracht van het Afdelingsbestuur - het aantal bestuursleden vast.

Artikel 5

1. Verkiezing van het Afdelingsbestuur heeft plaats tijdens de eerste in het kalenderjaar te houden Afdelingsvergadering.

2. Verkiesbaar tot lid van het Afdelingsbestuur zijn gewone leden van de Vereniging, voor zover zij zijn ingedeeld bij de Afdeling.

3. De voorzitter wordt in functie gekozen.

4. Leden van het Afdelingsbestuur hebben zitting voor een periode van twee jaren; zij zijn tweemaal voor een zelfde periode onmiddellijk herkiesbaar.

5. Aftreden geschiedt volgens een rooster, zodanig dat in het ene jaar de voorzitter en de helft van de overige bestuursleden aftredend zijn, in het volgend jaar de vice-voorzitter en de overige leden, die twee jaar daarvoor werden benoemd.

6. De leden van het Afdelingsbestuur kunnen zich op de vergaderingen van het Afdelingsbestuur niet doen vervangen.

7. Het Afdelingsbestuur vergadert zo dikwijls de voorzitter zulks noodzakelijk acht, zo ook wanneer ten minste drie der bestuursleden hiertoe aan het secretariaat de wens te kennen geven.

Alle besluiten der vergadering worden bij meerderheid van stemmen genomen; bij staken der stemmen wordt het voorstel geacht te zijn verworpen. Stemmen over personen geschiedt schriftelijk. Indien er geen tegenkandidaten worden voorgedragen , zijn de door het bestuur voorgestelde personen automatisch verkozen. Stemmen over zaken geschiedt mondeling.

Afdelingsvergaderingen

Artikel 6

1. Het Afdelingsbestuur bepaalt de plaats waar de Afdelingsvergaderingen worden gehouden.

2. Jaarlijks worden ten minste twee Afdelingsvergaderingen gehouden.

3. De eerste Afdelingsvergadering wordt gehouden binnen zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de Afdelingsvergadering. In deze vergadering wordt onder meer:

a. door het Afdelingsbestuur verslag uitgebracht over de werkzaamheden van de Afdeling in het afgelopen verenigingsjaar;

b. door het Afdelingsbestuur onder overlegging van een resultaten rekening alsmede de overige benodigde bescheiden, rekening en verantwoording afgelegd van het in het afgelopen verenigingsjaar gevoerde financiële beleid;

c. voorzien in bestuursvacatures.

4. De tweede Afdelingsvergadering wordt gehouden uiterlijk op 30 september van het lopende jaar.. In deze vergadering wordt onder meer:

a. het beleid van het komende verenigingsjaar besproken;

b. de begroting voor het komende jaar behandeld en vastgesteld;

c. de toeslag op de contributie voor het komende verenigingsjaar vastgesteld;

d. de afvaardiging van de Afdeling naar de Algemene Vergadering van de Vereniging als bedoeld in artikel 19 tweede lid, van de Statuten, gekozen.

Artikel 7

1. Overigens worden Afdelingsvergaderingen gehouden zo dikwijls het Afdelingsbestuur dit nodig oordeelt en voorts op verzoek van ten minste drie clubs of op verzoek van ten minste twintig individuele leden.

2. De bijeenroeping der Afdelingsvergadering geschiedt door schriftelijke mededeling aan de clubs op een termijn van ten minste zes weken. De mededeling aan de individuele leden geschiedt door bekendmaking op een termijn van uiterlijk drie weken in het door de Afdeling uitgegeven periodiek of op een andere door het Afdelingsbestuur te bepalen wijze. De aankondiging aan de clubs wordt minstens twee weken tevoren herhaald onder vermelding van de te behandelen punten en met toezending van de daarbij behorende bescheiden. De individuele leden worden in de gelegenheid gesteld de stukken in te zien op het Afdelingssecretariaat of kunnen om toezending verzoeken. In spoedeisende gevallen kan door het Afdelingsbestuur van dit voorschrift worden afgeweken.

3. Tot een Afdelingsvergadering hebben toegang de leden die bij de Afdeling zijn ingedeeld, de leden van het Hoofdbestuur alsmede degenen die daartoe door de Afdelingsvergadering of het Afdelingsbestuur zijn uitgenodigd.

4. Op de besluitvorming en wijze van vergaderen van de Afdelingsvergadering is artikel 20 van de Statuten en artikel 19 van het Huishoudelijk Reglement van de Vereniging van overeenkomstige toepassing.

5. Voor verkiezing tot lid van het Afdelingsbestuur kunnen kandidaten worden gesteld door het Afdelingsbestuur, voor de bij de Afdeling ingedeelde clubs en voorts door minstens tien individuele leden, voor zover zij zijn ingedeeld bij de Afdeling. De namen van de kandidaten moeten minstens drie weken voor de Afdelingsvergadering, waarin zal worden overgegaan tot verkiezing van bestuursleden, schriftelijk worden ingediend bij het Afdelingssecretariaat onder overlegging van een door elk der kandidaten ondertekende verklaring tot bereidheid van aanvaarding van de desbetreffende functie.

6. Voorstellen, door het bestuur van een club of tien individuele leden ten minste drie weken tevoren schriftelijk bij het Afdelingsbestuur ingediend, worden op de agenda van de Afdelingsvergadering geplaatst. Dergelijke voorstellen dienen vergezeld te gaan van een korte schriftelijke motivering . De Afdelingsvergadering kan alleen tot veranderingen besluiten van voorstellen die zijn geplaatst op de agenda indien die het gevolg zijn van amendementen, gedurende de Afdelingsvergadering op die voorstellen ingediend.

7. Het stemrecht wordt toegepast conform artikel 23, tweede lid van de Statuten der Vereniging.

8. Het aantal door een club uit te brengen stemmen wordt bepaald naar de toestand, volgens de opgave van het aantal leden van het algemeen secretariaat der Vereniging, op de eerste dag van het kalenderkwartaal waarin de Afdelingsvergadering wordt gehouden, verminderd met het aantal stemmen van de leden der club die het stemrecht zelf uitoefenen. Teneinde verschillen in de opvatting binnen zijn club tot uitdrukking te brengen, kan degene die voor de club het stemrecht uitoefent zijn stemmen in verschillende richtingen uitbrengen.

9. Het bestuur van een club dient voor de Afdelingsvergadering bij het Afdelingssecretariaat op te geven wie voor de club het stemrecht zal uitoefenen.

10. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende briefjes, blanco en ongeldige stemmen worden wel geteld maar spelen geen rol bij de uitslag.

Commissies

Artikel 8

Voor bijzondere taken kunnen door het Afdelingsbestuur commissies worden ingesteld, voor bijzondere taken van blijvende aard permanente commissies en voor bijzondere taken van tijdelijke aard tijdelijke commissies. De leden van deze commissies worden benoemd uit de gewone leden van de Vereniging voor zover ingedeeld bij de Afdelingen en / of functionarissen in dienst van de Vereniging. In de tijdelijke commissies kunnen ook niet-leden van de Afdeling worden benoemd. Leden van een permanente commissie hebben zitting voor een periode van ten hoogste vier jaar, zij zijn onmiddellijk eenmalig herkiesbaar. Een tijdelijke commissie kan hoogstens voor twee jaren worden ingesteld.

De commissies brengen jaarlijks verslag uit aan het Afdelingsbestuur of zoveel eerder als door dat bestuur noodzakelijk wordt geoordeeld.

De besluitvorming van commissies is onderworpen aan de goedkeuring van het Afdelingsbestuur.

Vertegenwoordiging in commissies

Artikel 9

1. De vertegenwoordigers van de Afdeling in de subcommissie Zweefvliegen van de Commissie voor Sportzaken van de Vereniging worden benoemd door het Hoofdbestuur van de Vereniging op grond van een door het Afdelingsbestuur op te maken voordracht.

2. Op grond van artikel 2.2 van het Huishoudelijk Reglement wordt de vertegenwoordiger van de Vereniging in de Zweefvliegcommissie (CIVV) van de Fédération Aéronautique Internationale (FAI) en dienovereenkomstig de vertegenwoordiger van de Vereniging in de Organisation Scientifique et Technique du Vol à Voile (OSTIV), aangewezen door het Afdelingsbestuur.

Slotbepalingen

Artikel 10

Voor alle gevallen, waarin dit Afdelingsreglement niet voorziet, wordt verwezen naar Statuten en Huishoudelijk Reglement van de Vereniging.

Geven ook deze geen uitsluitsel dan beslist het Hoofdbestuur van de Vereniging in overleg met het Afdelingsbestuur.

Hieronder volgt een aanhangsel bij het Afdelingsreglement. Dit aanhangsel is 10 oktober 1984 vastgesteld.

Artikel 19, 2e lid Statuten

Iedere Afdelingsvergadering benoemt, bij voorkeur uit de leden van haar bestuur, maximaal drie afgevaardigden voor de algemene vergadering.

Leden van het Hoofdbestuur kunnen niet worden benoemd tot afgevaardigde. Een afgevaardigde kan als zodanig voor niet meer dan één afdeling optreden.

Artikel 20 Statuten

1. De algemene vergaderingen worden geleid door de voorzitter of, bij diens afwezigheid, door de vice-voorzitter. Indien ook laatstgenoemde afwezig is, wordt de vergadering geleid door het in anciënniteit als bestuurslid oudste aanwezige hoofdbestuurslid. Zijn geen hoofdbestuursleden aanwezig dan voorziet de vergadering zelf in haar leiding.

2. Het door de voorzitter ter algemene vergadering uitgesproken oordeel, dat door de vergadering een besluit is genomen, is beslissend.

3. Van het ter algemene vergadering verhandelde worden notulen gehouden door de algemeen secretaris of door een door de voorzitter aangewezen persoon. Deze notulen worden in dezelfde of in de eerstvolgende algemene vergadering vastgesteld en ten blijke daarvan door de voorzitter en de secretaris van die vergadering ondertekend.

Artikel 23, 2e lid Statuten

Stemgerechtigd zijn ereleden, gewone leden, jeugdleden en buitengewone leden. Stemgerechtigde leden brengen ieder één stem uit.

Stemgerechtigde leden, die lid zijn van een aangesloten vereniging, worden geacht het bestuur van die vereniging gemachtigd te hebben, namens hen het stemrecht uit te oefenen, tenzij zij voor de vergadering op de presentielijst te kennen gegeven hebben zelf het stemrecht te willen uitoefenen.

Artikel 19 Huishoudelijk Reglement

1. Alle besluiten worden genomen bij volstrekte meerderheid der uitgebrachte stemmen.

2. Over onderwerpen die niet in de agenda zijn vermeld kunnen geen besluiten worden genomen.

3. De afdelingsvergaderingen

Volgens het afdelingsreglement dienen er tenminste twee keer per jaar ledenvergaderingen te worden gehouden. Één in het voorjaar en één in het najaar. Deze afdelingsvergaderingen zijn de ledenvergaderingen van de KNVvL-Afdeling Zweefvliegen. De meeste aanwezigen zijn vertegenwoordigers van de 40 zweefvliegclubs die Nederland telt. Bij schriftelijke stemmingen zijn zij gevolmachtigd om namens hun club de stemmen uit te brengen. Ook individuele leden van de afdeling zweefvliegen kunnen hier hun stem uitbrengen. De agenda voor deze vergaderingen vermeldt in ieder geval de volgende punten:

    1. Opening

    2. Verslag vorige ledenvergadering

    3. Ingekomen stukken en mededelingen

    4. Jaarverslag afdeling zweefvliegen (voorjaarsvergadering)

    5. Het beleid voor het komende jaar / bestuurszaken

    6. Begroting voor het komende jaar en vaststelling contributie (najaarsvergadering) * Financieel verslag afdeling zweefvliegen (voorjaarsvergadering)

    7. Bestuursverkiezingen

    8. Benoeming afgevaardigden voor de ledenraad van de KNVvL (de vergaderingen van het hoofdbestuur met alle afdelingen)

    9. Rondvraag

    10. Sluiting

Uit bovenstaande agenda blijkt dat deze vergaderingen belangrijk zijn. Het afdelingsbestuur legt hier verantwoording af voor het gevoerde beleid en samen met de vergadering wordt het beleid en de aandachtspunten voor de komende jaren bepaald. Tevens is dit de plaats waar de begroting en de contributie voor de afdeling worden vastgesteld. Betaalbaar zweefvliegen betekent binnen de eigen club zoveel mogelijk werkzaamheden zelf uitvoeren en alleen het hoognodige door beroepskrachten laten doen. Ditzelfde geldt ook voor de landelijke afdeling. Heel wat werk gebeurt daar door vrijwilligers in het belang van alle clubs. Alleen bepaalde taken worden door beroepspersoneel (in loondienst bij de KNVvL) verricht. Het zal duidelijk zijn dat hoe meer taken zij op zich moeten nemen, hoe hoger de afdelingscontributie wordt. Alleen die taken die specifieke kennis van een beroepskracht vergen moeten door hen worden verricht . De overige werkzaamheden moeten zoveel mogelijk gedaan worden door vrijwilligers en door efficiënt samenwerken tussen de clubs. Deze werkzaamheden zijn net zo belangrijk en kostenbesparend als het werken voor de eigen club.